Minister Jozias van Aartsen langs de Feministische Meetlat

Ooit zou hij nog wel eens hoofdredacteur van een zondagskrant willen worden: 'Ik snap niet dat we die in Nederland niet hebben.' Hoewel hij geniet van zijn baan, vindt hij Den Haag niet bepaald een leuke werkomgeving: 'De politiek is geen aardige gemeenschap, openlijk een fout toegeven kun je je niet permitteren.' Binnenkort zal hij Clinton voor het eerst spreken: 'Wat hij ook voor goede dingen heeft gedaan, je houdt die beelden uit de zaak Lewinsky toch steeds voor ogen.'

'Henriette is mooi fantastisch en briljant'

Jozias van Aartsen (52), minister van Buitenlandse Zaken langs de Feministische Meetlat.

Als het aan hem lag zouden er in de politiek, op zijn eigen ministerie en overal in het maatschappelijk leven meer vrouwen aan de top zitten. Geef hem maar sterke vrouwen als Ien Dales en Madeleine Albright, daar werkt hij graag mee. Liever dan met de meeste mannen. Dat Nederland nog niet rijp zou zijn voor een vrouwelijke minister-president vindt hij dan ook pure onzin.

'Als de VVD bij de verkiezingen in 2002 de grootste partij zou worden, moet Dijkstal premier worden. Die is daar heel geschikt voor, hij kan mensen bij elkaar houden, hij was het cement in het eerste paarse kabinet, hij is sociaal heel goed en dat is belangrijk voor een premier. Maar als we zouden beslissen dat het een vrouw zou moeten worden, why not? Daar is Nederland echt wel rijp voor. Als die vrouw uit de VVD zou moeten komen, is er maar een en dat is natuurlijk Annemarie.'

Waarom werkt u zo graag met vrouwen?

'Ze zijn sneller, recht door zee, ik voel me meestal erg op mijn gemak bij hen. Vergaderen met vrouwen vind ik bijvoorbeeld een verademing. Misschien lijd ik er zelf ook aan, maar mannen zijn zo vreselijk breedsprakig, ze willen alles tot in de finesses uiteenzetten, ook al is dat door de sprekers voor hen ook al gedaan. Ik vind vergaderen vreselijk, maar het hoort erbij, ik kan er niet onderuit, maar dan liefst zo kort mogelijk. Vrouwen zijn er veel meer op gericht te zeggen: wat is het probleem, hoe lossen we dat op.

Op Binnenlandse Zaken heb ik indertijd Benita Plesch benoemd als eerste vrouwelijke plaatsvervangend secre taris-generaal. Die werkte in deeltijd, wat men op het ministerie toen een heel vreemd verschijnsel vond: hoe kon dat nou, in zo'n belang rijke functie? Maar het kon omdat zij, zoals de meeste vrouwen, zeer efficiënt en zakelijk werkte. Zij zei altijd: dat moeten vrouwen wel, wij hebben niet zoveel tijd als mannen, omdat we nog zoveel andere dingen te doen hebben. Inmiddels heb ik vijf vrouwelijke ambassadeurs benoemd, onder wie de belangrijke mensenrechten ambassadeur. We hebben er nu elf.

Op het ministerie zitten nog veel te weinig vrouwen aan de top. Daar moet hoognodig iets aan gebeuren. Daarbij moet je niet bang zijn om risico's te nemen. Ik benoem soms vrouwen die niet keurig alle stadia op de maatschappelijke ladder doorlopen hebben, soms moet je iemand naar boven halen. Zo'n risico moet je nemen, anders duurt het veel te lang. En in de meeste gevallen gaat het gewoon goed.'

Ziet u die efficiënte aanpak van vrouwen ook in uw internationele contacten? Is Albright sneller dan Joschka Fischer?

'O, zeker, vooral Albright, die is zeer to the point. Die werkt in een kwartier een heel belangrijke zaak af. Dat kan zij. Fischer is veel breedsprakiger, een verschil van dag en nacht. Ik ben in die vergaderingen ook nogal kort van stof, dat komt natuurlijk ook omdat ik in het Engels moet spreken, dan druk je je toch kernachtiger uit dan in je eigen taal, dat is een groot voordeel.'

Madeleine Albright is een idool van u, hè? Er doen allerlei grapjes over uw voorliefde voor haar de ronde, zoals: 'Ik en Albright vindenellipse'

'Waar die grapjes vandaan komen, weet ik niet. Misschien omdat ik vaak enthousiast over haar praat. Ze is veel meer dan de vrouw-met-de-broches, ze is gewoon goed, heel goed. Ze voert een helder en krachtig beleid, ze is een heel goede manager van het buitenlandse beleid van Amerika. Ze is fabuleus goed in het onderhouden van contacten, vooral met de Europese Unie, met al die vijftien ministers. En ik vind haar ook erg aardig. Ze is heel direct, ze belt veel, heus niet alleen met mij, hoor, met alle collega's. Een ex-collega uit Noorwegen zei eens: het is alleen ver velend dat ze altijd om twaalf uur 's nachts belt. Dat is het ergst voor Ivanov uit Rusland, bij hem is het dan twee uur 's nachts.

Je kunt met haar zo heerlijk kort en zakelijk de dingen doornemen: hoe kijken we ergens tegen aan, wat is jullie visie, kan ik nog ergens mee helpen, die aanpak. Zondagavond belde ze me nog thuis, hebben we een aantal zaken door genomen over Joegoslavië, Irak, de situatie in het Midden-Oosten. Ze had kennelijk kleinkinderen over de vloer, er was een enorm kabaal op de achtergrond. Ik zei: wat is er toch aan de hand? Opeens riep ze: dat moeten jullie maar met je moeder regelen.

Sinds haar scheiding, waaronder ze erg geleden heeft, komt ze met wisselende mannelijke partners op sociale bijeenkomsten. Daar wordt dan veel over gesmoesd en gepraat. Dat vindt ze leuk. Ik zal haar erg missen als ze na de verkiezingen niet terugkomt.'

U hebt iets met sterke vrouwen.

'Klaarblijkelijk, ja. Ik was ook erg gesteld op mijn vroegere chef Ien Dales en op VVD-politica Haya van Someren, voor wie mijn vrouw een paar jaar gewerkt heeft. En mijn eigen vrouw natuurlijk en mijn moeder en mijn zuster. En de boerinnen die ik in mijn vorige functie als minister van Landbouw ontmoette, allemaal vrouwen die weten wat ze willen. Ik was secretaris-generaal op het ministerie van Binnenlandse Zaken toen Ien Dales minister werd. Wat ik altijd zo triest heb gevonden, was dat zij zo oppervlakkig werd beoordeeld. Dat zie je trouwens vaker bij de beoor deling van vrouwen: of je bent een kenau of een sloerie of een huismus. Zij was dus een kenau. Dat krijg je als je als vrouw duidelijke opinies hebt, dan ben je meteen een kenau of een viswijs of je slaat met tasjes om je heen, zoals Thatcher.

Ien was een heel gevoelige vrouw. Het grootste compliment dat ze me ooit heeft gegeven was: ik voel me veilig op dit departement. Daar had ze een enorme behoefte aan, zich een beetje veilig te voelen in die vijver vol piranha's die Den Haag toch is. Ze was geweldig interessant omdat ze een hele wereld buiten de politiek had, de kerkelijke wereld: ze zat in Pax Christi en andere kerkelijke bewegingen. Gezien mijn gereformeerde achtergrond weet ik natuurlijk ook wel iets van die wereld, dus daar konden we goed over praten.

Ze was ook goed in haar werk, ze zei waar het op stond. Zij is bijvoorbeeld degene geweest die een einde heeft gemaakt aan de IRT. Ze was soms ook heel moeilijk, ze had bijvoorbeeld sterke voor- en afkeuren. Zo vond ze het heel moeilijk om met Hirsch Ballin, van Justitie, te praten en te onderhandelen. Dan zei ze tegen ons: waarom moet ik met die man praten, daar zijn jullie toch voor, doen jullie dat maar. Daar kon ze heel lastig in zijn.

Lui was ze helemaal niet. Dat is nog zo'n verhaal dat haar aankleeft, maar absoluut niet waar. Alleen had ze soms geen zin in al die stapels nota's en rapporten, wat ik me tegenwoordig levendig kan voorstellen. Af en toe word je gek van al die koffers, tassen en stapels papier. In haar tijd hadden we te maken met de in richting van de Rijksdienst, de grote efficiency-operatie, daar speelde zij als minister van Binnenlandse Zaken een grote rol in. Toen hebben we een list verzonnen: we maakten een cassettebandje met mooie klassieke muziek, veel van haar geliefde Bach, met daar tussendoor de belangrijkste punten uit alle rapporten. Dat gaven we haar voor het weekeinde mee naar huis. Haar reactie was alleen maar: leuke muziek. Een fantastische vrouw.'

U noemde net ook uw moeder. Die heeft heel erg geleden onder de politieke ellende die uw vader als minister van Volkshuisvesting heeft meegemaakt.

'Zeg dat wel. Ik denk dat mijn moeder daar veel erger onder heeft geleden dan mijn vader. In 1960 was hij in het kabinet- De Quay de dupe van een kabinetscrisis. Het ging om de liberalisering van de woningmarkt, in wezen om 2500 huizen. Nadat er lang vergaderd en veel gedronken was, heeft zijn eigen AR-fractie hem als een baksteen laten vallen. Gevolg: het kabinet viel. Later is dat weer gelijmd; uit die tijd stamt het bekende nummer van Wim Kan: Lijmen Jan, lijmen met z'n allen. Ik was erbij toen dat allemaal gebeurde, ik zat als jongen op de publieke tribune en rook de wildebeestengeur die opsteeg uit de Kamer. Tot mijn schande moet ik zeggen dat ik eigenlijk wel genoot van het politieke gevecht. Medelijden met mijn vader, die er het slachtoffer van werd, kwam pas later. Mijn vader heeft die zaak als politicus verwerkt, hoewel hij sinds die tijd beter met de VVD dan met zijn eigen fractie overweg kon.

Mijn moeder heeft die crisis als mens ondergaan, ze was zwaar aangeslagen en kon niet begrijpen dat mijn vader toch weer terugging in het kabinet. Vanaf die tijd las zij geen krant meer, keek niet meer naar de televisie, ze wilde niets meer met die rotwereld van de politiek te maken hebben. Al helemaal niet meer met de mensen van de AR, die hun eigen man zo lelijk hadden laten vallen. Al die gelovige mannenbroeders, ze wilde er niets meer over lezen, zien of horen.

Toen mijn vader in 1992 overleed, is zij pas weer kranten gaan lezen en naar de televisie gaan kijken. Nu ziet ze alles, meer dan ik, ze kijkt elke zondag naar Buitenhof en als we dan 's avonds bellen, wat we elke zondag doen, geeft ze op van alles en nog wat haar kritische commentaar. Vaak heel intuïtief: let op die man, Jozias, die deugt niet. Nou, nou, moeder, dat valt wel mee, sus ik dan. Eigenlijk is mijn moeder op gebloeid na de dood van mijn vader. Hij zou haar niet meer herkennen; ondanks haar zwakke gezondheid regelt ze alles zelf, ook financiële zaken, en ze leest dus weer kranten en heeft overal een mening over.'

U vertelt dit met veel waardering. Zou u zo reageren als uw moeder of als uw vader?

'Ik denk meer zoals mijn moeder. Wat dat betreft ben ik een moederskind: heftig, emotioneel, ik zou niet teruggaan als ze me zo hadden laten vallen. Achteraf gezien vind ik dat mijn moeder heel karakter vol heeft gereageerd op die crisis. Hoe dat tussen haar en mijn vader zat op dit punt, weet ik niet. Er werd bij ons thuis jarenlang niet over gesproken.

Pas in 1976, toen ze dertig jaar getrouwd waren - ze woonden inmiddels in Zeeland, waar mijn vader commissaris der koningin was geworden - hebben we er voorzichtig aan gerefereerd in een film, die we als kinderen over hun leven gemaakt hadden. We hadden ook op het Binnenhof gefilmd en het bekende nummer van Wim Kan zat er ook in. Dat kon toen wel, het viel wel goed.

Mijn vrouw Henriette heeft mijn vader eigenlijk pas aan het praten gekregen over die tijd. Zij vroeg gewoon: hoe was dat nou, wie deed wat, hoe ging het allemaal in zijn werk.'

U heeft er ook een tic aan overgehouden: u reageert altijd als door een wesp gestoken als het over christelijke politiek en het CDA gaat.

'Ik heb die hele ellende thuis natuurlijk van dichtbij meegemaakt, hoe mijn moeder zich afsloot, dat zie je als kind, daar doe je vervolgens iets mee. Goed, het ging om de AR van toen, maar tochellipse Ik ben geen voorstander van partij vorming op confessionele basis, dat ben ik ook nooit geweest. Geloof en politiek moet je gescheiden houden. Ik zou inderdaad niet in een kabinet met het CDA gaan zitten. Dat zou ook vreemd zijn nu ik in twee paarse kabinetten heb gezeten. Alsof het niks uitmaakt met wie je regeert. Dat vind ik typisch een CDA-houding, die kunnen klaarblijkelijk met iedereen in een kabinet.

Toen ik minister van Landbouw was, heeft het CDA me vreselijk aangevallen over mijn aanpak van de varkens sector, terwijl ze al die jaren daarvoor zelf niks gepresteerd hadden op dit vlak, ja, pappen en nathouden, hun kiezers om de tuin leiden. Toen heb ik een keer heel fel gezegd dat ik nooit met het CDA in een kabinet zou willen zitten. Nu ik in rustiger vaarwater zit, zeg ik dat nog steeds.'

Toch klinkt uw tegenzin mij vooral emotioneel en niet rationeel in de oren.

'Mag dat?'

Uw Henriette is heel belangrijk voor u. Ook in uw werk, volgens sommigen. Ze zou uw speeches schrijven, reden waarom ze wel eens Hillary van Aartsen wordt genoemd.

'Razend wordt ze als ze dit soort verhalen leest of hoort. Alsof ze zich met het beleid zou bezighouden, alsof ze mijn beslissingen zou beïnvloeden, alsof ze dingen zou doen die haar niet aangaan. Ze is mijn adviseur niet, ze schrijft mijn speeches niet, maar - wat veel belangrijker is - ze is mijn vrouw. Ik vind het fantastisch dat ze er is, dat ik met haar over mijn werk kan praten. Ik zou het vreselijk vinden met iemand te leven met wie dat niet zou kunnen. Wat ik vurig hoop, is dat de rollen nog eens om gedraaid kunnen worden, dat ik voor haar kan betekenen wat zij nu voor mij is. Hoe? Dat weet ik niet precies. Henriette was journaliste, daarna heeft ze lang bij de VVD gewerkt, waar ik haar heb leren kennen. Ze is ook een aantal jaren secretaris van Haya van Someren geweest, een vrouw over wie nog steeds een goed boek moet worden geschreven. Dat zou Henriette uitstekend kunnen, want ze schrijft heel goed.

Jaren geleden ben ik eens naar een bibliotheek gegaan om in de leggers van de krant te zoeken naar artikelen van haar. Die krant, het Dagblad voor Noord-Limburg bestaat niet meer, maar ik heb die stukken wel gevonden. Idioot vond zij dat. Maar ik vond het leuk. Ik heb zelf ook iets met de journalistiek. Een geheime wens van mij is nog eens hoofd redacteur van een zondagskrant te worden. Het is toch te gek dat zoiets niet bestaat in Nederland. In elk buitenland bestaan ze, alleen hier niet.

Op reis koop ik overal de plaatselijke kranten, ook al zijn ze in het Arabisch of Chinees en kan ik er niets van lezen. Aan de foto's zie je toch waar het om gaat. Terugkomend op Henriette: op het ogenblik doet ze alleen vrijwilligerswerk, onder meer op het gebied van de zwakzinnigenzorg. Laatst sprak ze een kerk met achthonderd mensen toe, dan geeft ze een fantastische lezing. Geweldig vind ik dat. Trouwens: ze doet ook het nodige als vrouw van de minister van Buitenlandse Zaken, wanneer mijn collega's hier op bezoek komen en hun partner meenemen. Dan wordt er van haar verwacht dat er een goed programma is voor deze vrouwen. Daar zorgt ze dan voor en dat is dan geen toeristisch gedoe met klompen, tulpen en molens, maar een goed inhoudelijk programma. Op het ogenblik doet zij meer voor mij dan ik voor haar. Vorig jaar was ik maar liefst honderd dagen in het buitenland. Dan kun je dus niet voldoen aan de Zalm-norm: alle dagen om zes uur achter de aardappelen. Dat lukt mij misschien twee keer in de veertien dagen. Jammer hoor, want daardoor kook ik zelden of nooit meer en dat vind ik juist hartstikke leuk, met allerlei aparte in grediënten en kookboeken erbij.

Mannen zoals ik hebben zo'n vrouw als Henriette nodig, ze steunen op haar. Dat zie ik ook bij collega's. Ik houd ervan goed om me heen te kijken als ik bij topontmoetingen ben. Vorig jaar hadden we de grote Washington-top, waar Kok zijn Rita mee mocht nemen. Op een gegeven ogenblik werd Rita voorgesteld aan Clinton, waarna ze door een prachtig geunifomeerde militair werd weggevoerd. Die verweesde blik van Kok in haar richting: waar gaat Rita nou heen? Daar kon ik me alles bij voorstellen, zo zou ik ook gekeken hebben als dat met Henriette gebeurd zou zijn.'

Waar komen al die verhalen over haar grote invloed vandaan?

'Weet ik niet. Het zijn mythen. Misschien komt het omdat ik er openlijk over praat hoe belangrijk ze voor mij is. Misschien zijn anderen bang dat toe te geven, ik zeg het gewoon: ze is een fantastische vrouw, ze is mooi, ze is briljant, ze is goed.'

Binnenkort gaat u weer een paar reizen maken: naar Clinton, naar Zuid-Afrika en Suriname.

'Ik ben eind oktober in dat gebied, dat kan nu na de regeringswisseling daar. President Venetiaan wil echt veranderingen doorvoeren. En dan komt de 25ste november, waarop de onafhankelijkheid feestelijk wordt herdacht. Zelf kan ik daar niet heen, omdat Kok en ik dan in Zuid-Afrika zitten bij president Mbeki. We hebben nu besloten dat vice-premier Els Borst gaat, een vrouw, dat is nog wel zo aardig, dacht ik.'

Wordt de ontwikkelingshulp aan Suriname nu hersteld?

'Aan de hand van het regeerprogramma van Venetiaan zullen we dat beslissen. Dat gaat Evelien Herfkens dus nu bekijken. Als we dat een goed programma vinden, wordt de ontwikkelingshulp inderdaad hersteld. En dan hebben ze ook recht op de zeshonderd miljoen gulden die nog keurig bewaard ligt van de afgelopen jaren.'

U gaat nu voor het eerst

Clinton ontmoeten. Leuk?

'Clinton heeft gevraagd of Kok langskomt. Dat is toch leuk, nietwaar? En ik mag mee. We zullen er niet langer zijn dan een dag. Het is mijn eerste en tegelijk mijn laatste gesprek met hem, want in november treedt hij af.

Pas zagen we hem een prachtige toespraak houden op de Democratische Con ventie, met in ons achterhoofd die vreselijke beelden van anderhalf jaar geleden toen hij verhoord werd over zijn relatie met Monica Lewinsky. Dat beeld staat me nog steeds voor ogen. Ik weet niet of hij daar ooit nog vanaf komt, bij mij in ieder geval niet. Hij blijft dat met zich meeslepen, er blijft een smet aan hem kleven.'

Ja, een slecht imago ben je niet zomaar kwijt. Uw imago in de Nederlandse pers is ook niet zo best. Lelijke dingen worden er over u geschreven: de blunderlijst van Van Aartsen, uw vroegtijdige mededeling over de Navo-bom bardementen op Joegoslavië, uw hooghartige of emotieloze reacties op misstanden in de wereld, een mens zou er droevig van worden.

'Tja, voor een groot deel raakt het mij niet, omdat ik op al die punten een goed antwoord kan geven, maar daar zijn de kranten niet in geïnteresseerd.

Die mededeling over de Navo-bombardementen bijvoorbeeld. Solana, de hoogste baas van de Navo, had gezegd dat ze die avond zouden beginnen. Dat was wereldwijd bekend. Ik stond die avond om zeven uur in de Kamer. Ik vond het te gek om daar niet te vertellen dat ze inmiddels begonnen waren. Dat was namelijk zo. Moet ik dat dan voor me houden? Dan zou ik me een bedrieger van de Kamer voelen. Het is onzin dat ze dat bij de Navo vervelend vonden, dat hebben bepaalde commentatoren ervan gemaakt.

En zo zijn er meer dingen. Mijn zogenaamde weigering om de Indonesische presidentskandidaat Wahid te ontvangen, zoals de Volkskrant het noemt. Echt onzin. Het reisprogramma van Wahid was nogal onduidelijk en ik kon die dag echt niet. Ik heb een speciale ambtenaar naar hem toe gestuurd om dat uit te leggen en hij begreep het volkomen. Nul komma nul probleem wat hem betreft. Toch blijft de Volkskrant maar schrijven dat ik hem weigerde te ontvangen en dat dat fout gevallen is in Indonesië. Wat moet ik daar dan mee? Ik hoop dat de waarheid ooit zal zegevieren, zeg ik dan maar. En ik vertel u nu hoe het zat, Opzij is in dezen mijn redding.

Als ik een fout maak, zeg ik dat eerlijk. Dat heb ik gedaan in de zaak van de wapen leveranties aan Indonesië. Maar dat wordt je ook niet in dank afgenomen. Onze politieke cultuur is zo dat je je niet kunt permitteren een fout openlijk toe te geven, daar word je later op afgerekend. Ja, Den Haag is geen aardige wereld, mevrouw. Dat was het niet in de tijd van mijn vader en dat is het nog steeds niet. Het is gewoon geen aardige gemeenschap.'

Zou een hoger salaris, zoals Benita Plesch onlangs in een interview bepleitte, een pleister op de wonde zijn?

'Nee, helemaal niet nodig. Ondanks de kritiek die ik op Den Haag heb, is het toch heel bijzonder werk wat ik doe. Wij zoeken zelf die publieke functie, en juist die publieke kant, de bekendheid, is een deel van de vergoeding die je krijgt. In het bedrijfsleven werkt vrijwel iedereen compleet in stilte, dat zou ik toch niet prettig vinden.'

Nog even terug naar uw imago: u wordt ook vaak arrogant genoemd.

'Tja, wat moet ik daarmee? Ik ben wie ik ben, mag ik? Ik heb het karakter dat ik heb, ik loop zoals ik loop, ik fiets zoals ik fiets, ik kleed me zoals ik doe, netjes. Mag dat allemaal niet? Godzijdank heb ik geen mensen om me heen die zeggen: trek eens een trui aan of fiets niet meer of meet je een andere manier van lopen aan. Daar gaat het toch allemaal niet om, het zijn allemaal uiterlijkheden. Het is erg Nederlands om over dit soort zaken te vallen.

Natuurlijk let ik erop hoe ik eruitzie, vooral in het buitenland. Als ik er slonzig bij loop, denken de collega's in den vreemde: wat zou er met Nederland aan de hand zijn, het gaat daar zeker niet goed. Daar wordt wel degelijk op gelet, dus dan let ik er ook op. Mijn kleren kopen Henriette en ik samen. Alleen breng ik er niet veel van terecht, vaak de verkeerde das bij een pak.'

NRC Handelsblad-columniste Elsbeth Etty schreef vorig jaar een uiterst kritisch stuk over u, ten tijde van de onlusten op Oost-Timor. U had ervoor gepleit het hoofd koel te houden en niet direct emotioneel te reageren. Ze had het over uw 'niet-emotionele, tot op het bot amorele en fun damenteel onverschillige staatsmanschap'.

'Als dat allemaal waar zou zijn, zou ik het niet waard zijn op deze stoel te zitten. Ik ben een erg emotioneel mens, maar ik zit hier niet op deze positie om mee te gillen en een beetje goedkoop "schande" te roepen. Ik zit hier met een andere verantwoordelijkheid, namelijk: een oplossing zoeken in de wereld van de Real politik.

Natuurlijk doen de televisiebeelden van moordpartijen mij ook wat, maar ik wil wel waarschuwen tegen het klakkeloos geloven van alles wat je ziet en hoort, er kan tegenwoordig heel lelijk gemanipuleerd worden met filmbeelden en foto's. In die kwestie Oost-Timor hebben we toen bereikt dat Indonesië waarnemers van de Verenigde Naties toeliet.

Een columnist mag uiteraard schrijven wat hij of zij wil, maar deze column heeft me erg geraakt. Ik zou er nog wel eens een keer met haar over willen praten, over haar motieven om dit zo op te schrijven.'

U bent dus noch arrogant noch koel. Hoe zou u zichzelf omschrijven?

'O, nee, daar begin ik niet aan. Ik heb u al genoeg over mezelf gezegd, lijkt me. Nou ja, als u het per se wilt: ik ben emotioneel, ik heb geborgenheid nodig, ik moet me ergens veilig voelen, ik heb graag mensen om mij heen die ik echt kan vertrouwen en dat voel ik vaker bij vrouwen dan bij mannen, ik probeer trouw te zijn, ik ben geen snelle jongen, ik kan heel lang aarzelen over dingen, ik moet vaak vechten om tijd te krijgen om een probleem van alle kanten te bekijken, ik heb de angst om dingen te missen, maar als ik eenmaal de wissel heb omgezet, wat ik nooit in mijn eentje doe, zet ik ook door. Ik ben redelijk stressbestendig, behalve wanneer het mijn persoonlijke leven betreft.

Wat er met me zou gebeuren als mijn vrouw er niet meer zou zijn? Nou zeg, goeietijd, weet u nog iets ergers? Dan zou ik nergens zijn, mijn leven zou finaal in elkaar donderen. Dan zou het er heel somber uitzien voor mij.'

'Albright is meer dan de

vrouw-met-de-broches, ze is

gewoon goed'

'Ik zou nooit in een kabinet

met het CDA willen zitten; logisch voor een paarse minister'

'Vorig jaar was ik maar liefst honderd dagen in het buitenland, ik voldoe dus niet aan de Zalm-norm'

'Ik ben emotioneel, zoek

veiligheid, ben geen snelle jongen

en probeer trouw te zijn'

paul van der steen

Door / 01 oktober 2000 / ()

5 artikelen
  • Saoedische prinsessen zeggen gegijzeld te zijn door vader

    3 april 2014

    Al dertien jaar lang worden ze tegen hun wil vastgehouden in het paleis van hun vader. Dat zeggen vier dochters van de Saoedische koning Abdullah. Zij brengen hun verhaal naar buiten via de Britse pers; hun moeder woont al jaren als balling in Groot-Brittannië. De prinsessen hebben nog wel contact met de buitenwereld via internet en spraken via skype met Fatima Manji, een journalist van het Britse Channel 4 News

  • Protest tegen Braziliaanse verkrachtingscultuur

    2 april 2014

    Maar liefst 65 procent van de Brazilianen vindt dat schaars geklede vrouwen het verdienen om verkracht te worden. Dat bracht Braziliaans overheidsonderzoek naar buiten. Journaliste Nana Queiroz is woest en zette een grootschalige social media protestactie in touw. Het Braziliaanse Institute for Applied Economic Research (IPEA) bracht dit weekend resultaten naar buiten van een groot onderzoek naar de houding van Brazilianen ten opzichte van geweld tegen vrouwen.

  • Een vrouw aan het roer in Parijs

    31 maart 2014

    In een ongebruikelijke vrouwelijke tweestrijd voor het burgemeesterschap kwam topvrouw Anne Hidalgo gisteren in Parijs als winnaar uit de bus. Ze is daarmee de allereerste vrouwelijke burgemeester van de Franse hoofdstad. In haar overwinningstoespraak zei de kersverse Parijse burgemeester Anne Hidalgo (54): 'Ik ben de eerste vrouwelijke burgemeester, ik ben me bewust van de uitdaging waar ik aan begin.'

  • Aankondiging: première film Ida

    26 maart 2014

    Morgen gaat de stijlvolle film Ida, een intiem drama van de veel bekroonde regisseur Pawel Pawlikowski (My Summer of Love, Last Resort), in première.

  • Nu in Opzij: Anorexia op je zeventigste

    20 maart 2014

    Eetstoornissen zijn niet alleen jonge meisjesziektes. Klinieken zien steeds vaker vrouwen van boven de vijftig die hulp zoeken. Ingrijpende gebeurtenissen en de maatschappelijke druk om jong, mooi en slank te blijven hebben nog steeds een enorme impact als vrouwen ouder worden.