​IN DE VOETSPOREN VAN DAPHNE DU MAURIER

In september organiseert Opzij samen met Labrys Reizen een bijzondere 6-daagse reis naar Groot-Brittannië. Tijdens die reis treden we in de voetsporen van Daphne du Maurier, een van de meest geliefde auteurs van Engeland. De magie in haar werk is terug te vinden in de omgevingen waar ze woonde: in haar jeugd in Londen, in haar volwassen leven in Fowey, Cornwall. Tatiana de Rosnay, biograaf van Daphne du Maurier, zal ons in Londen rondleiden.

Cumberland Terrace is een karakteristieke Londense straat ten oosten van Regent’s Park. Breed, rustig, voornaam. De straat werd in 1826 aangelegd met het idee dat het tegenover het paleis van de prins-regent zou komen te liggen. De dertig woningen tonen neoklassiek, met grote ivoren pilaren aan de voorzijde. Hier in deze straat, op nummer 24, werd op 13 mei 1907, schrijver Daphne du Maurier geboren. Later zou ze verhuizen naar het niet minder sjieke Cannon Hall, in Hampstead. Tatiana de Rosnay zal ons beide buurten tonen en daarbij vertellen over Du Mauriers toch wel fortuinlijke jeugd.

Daphne en haar zussen Angela en Jeanne groeien op in niet zomaar een familie: haar vader was de vermaarde toneelacteur sir Gerald du Maurier, beroemd geworden als Kapitein Haak in Peter Pan. Gerald is een vrij egocentrische man die liever zonen had gehad. Het zou Daphne ooit hebben doen zeggen: ‘If only I were a man. That is the one slogan to me.’ Later, vanaf haar puberjaren, zou ze een paar maal vallen voor een vrouw.

Het gezin Du Maurier leidt een bourgeois leven vol lunches, diners en bijzondere soirées met andere kunstzinnigen. Het is in eerste instantie niet eens zo opvallend dat Daphne, die net als haar zussen thuis geschoold wordt door een gouvernante, aangeeft te willen schrijven. Maar, zo laat ze haar vader weten, niet later, nu.  Ze begint als jong meisje met korte verhalen en poëzie.

PRACHTIG FOWEY
Gedurende haar jeugd brengt het gezin veel vakanties door in Cornwall, een grote liefde van Daphne’s moeder, die ze op Daphne weet over te brengen. Wanneer haar ouders in 1926 een tweede huis in Fowey willen kopen, gaat Daphne samen met haar moeder en zussen op zoek. Ze nemen vanaf Looe de pont naar Bodinnick-by-Fowey, waar ze aan het haventje Ferryside ontdekken, het huis dat hun vakantiehuis zou worden. Fowey (spreek uit: Foy) is een historisch havenstadje aan de zuidkust van Cornwall, tussen Looe en Mevagissey, gelegen aan de rivier Fowey. Fowey zelf is officieel een Area of Outstanding Natural Beauty. Zeker in de warmere maanden is het kustplaatsje een geliefde plek om met de boot aan te meren, om vervolgens over de boulevard, in het stadje (vol galeries, winkeltjes en restaurants met lokale producten) of in de rijke natuur (Fowey heeft prachtige kliffen!) te gaan wandelen.

Daphne, inmiddels volwassen, was dol op Fowey. Wanneer ze maar kon verliet ze haar thuis in Londen om hier haar intrek te nemen in Ferryside. Ze schreef er haar eerste roman, The Loving Spirit (1931), een op een waar gebeurd verhaal gebaseerde roman, over de familietragedie rond een scheepsbouwer uit Fowey.

Brigade-generaal Tommy Browning las het boek en was er zo door geraakt dat hij naar Fowey zeilde om de auteur te ontmoeten. In de zomer van 1932 trouwden hij en Daphne du Maurier in Lanteglos Church.

EENVOUDIG BESTAAN
De eerste tien jaar van hun huwelijk – goed voor drie kinderen: Tessa, Flava en Christian – wonen ze nog in Londen en gaan ze zo veel mogelijk naar Cornwall. Daarna huurt Du Maurier, die zich in het landelijke, prachtige Fowey meer thuis voelt, een huis dat Readymoney heet. Daar trekt ze in met hun kinderen. Hier verwacht ze meer aan schrijven toe te komen dan in het drukke Londen. De opvoeding van de kinderen laat ze grotendeels over aan de nanny.

In deze periode ontdekt ze het indrukwekkende landhuis Menabilly; ze had het al op het oog toen ze Rebecca schreef. Het huis daarin, Manderley, is op Menabilly gebaseerd.
Menabilly blijft Daphne trekken, het is alsof ze ernaartoe wordt gezogen. Ze neemt contact op met de familie die eigenaar is en vraagt hen of ze het huis mag huren. Al snel verhuist ze met haar gezin naar Menabilly, waar ze veel van haar romans schreef. Het was alsof het huis haar inspiratie gaf. Ze leidt er een eenvoudig bestaan, is altijd aan het schrijven, ver van alle publiciteit.

Na er vijfentwintig jaar gewoona te hebben, moet Du Maurier in 1969 Menabilly verlaten. De eigenaren verhuren een ander huis aan haar, Kilmarth, vlakbij. Haar man, die grotendeels in Londen is blijven wonen, is inmiddels, na slechte laatste huwelijksjaren, overleden.

Dame Daphne du Maurier (ze krijgt een koninklijke titel) overleed op 19 april 1989. Ze schreef tijdens haar leven verscheidene romans, een paar korte verhalen, vijf biografieën en één autobiografie. Cornwall, en met name Fowey, speelt in veel van haar werk een rol.

OM TE LEZEN
In Manderley voor altijd beschrijft Tatiana de Rosnay het ambitieuze leven van Daphne du Maurier. Ze schref geen ‘gangbare’ biografie, er is geen voetnoot in te bekennen. Ze brengt het levensverhaal van Du Maurier alsof ze dat van een romanpersonage neerzet, om het vervolgens zo nu en dan te onderbreken en te vertellen over haar zoektocht naar Du Maurier, in archieven en in Fowey.

In Jamaica Inn (1936) van Daphne du Maurier staat de herberg Jamaica Inn centraal, uitvalsbasis van veel smokkelaars en andere ongure types. Wanneer het nichtje van de herbergier het leven van een smokkelaar redt (hij is bijna gelyncht door medesmokkelaars) ontdekt ze dat deze eigenlijk een undercoveragent is die Jamaica Inn wil ontmaskeren. Prachtig verfilmd door Alfred Hitchcock. Onderweg van Londen naar Cornwall bezoeken we de Jamaica Inn.

Rebecca (1938) van Daphne du Maurier gaat over een naïeve jonge vrouw die in Monte Carlo valt voor de aristocratische weduwnaar Maxim de Winter. Binnen enkele weken trouwen ze, waarna ze zijn landhuis Manderley in Cornwall betrekken. Ze wordt bepaald niet warm ontvangen: het personeel blijft trouw aan de eerste mrs. De Winter, Rebecca, die nog maar kort geleden onder mysterieuze omstandigheden is overleden.

Door Femke van Wiggen