LEVEN OP COKE EN LEFGEVERS

In Vrije radicalen emigreert Uruguayaan Jaime als kind naar Amsterdam. Als volwassene maakt hij glansrijk carrière als journalist, en dat terwijl hij aan hevige angsten lijdt. Hij kan ‘voor elke letter van het alfabet’ wel iets bedenken wat hem bang maakt: enge ziektes, de trap in zijn flat, zijn sarcastische bejaarde huisgenote Tiqui Tiqui. Op den duur durft hij niet meer naar buiten en stopt hij met werken. Zijn medicijnen (‘braniekauwers’ en ‘lefgevers’ noemt hij die) helpen ook niet echt. 

 

Jaime overtuigt zijn jeugdvriend Gastón ervan naar Nederland te komen. Gastón kent geen angst. Hij is een vrijbuiter, een activist die altijd op zoek is naar een zaak om voor te vechten.
Hij werpt barricades op, gooit brandbommen, ketent zich vast aan bomen. Sommigen noemen dat aanslagen, Gastón noemt het liever ‘daden van betekenis’. Als híj Jaime niet kan redden, kan niemand het. Gastón vindt in Amsterdam al snel nieuwe zaken om actie voor te voeren en komt steeds minder vaak thuis. Jaime wordt ondertussen steeds psychotischer, zijn waarneming onbetrouwbaarder. De lading coke die Gastón uit Uruguay meesmokkelde, maakt het niet beter. Dan krijgt Gastón een nieuwe daad van betekenis op het oog: de Miljonairsfair.
Hoewel Jaime worstelt met zijn psychische problemen, wordt het verhaal nergens te zwaar, omdat het vol zit met rake observaties, kleurrijke personages en krankzinnige gebeurtenissen. Dat maakt Vrije radicalen tot een sprankelende en af en toe hilarische roman.

 

Vrije radicalen van Carolina Trujillo.

 
Door Merel Blom