Europa moet opschieten met emancipatie

Meisjes die nu geboren worden, verdienen hun hele leven minder dan mannen, meldde het AD gisteren. De Zweedse Europarlementariër Anna Hedh deed onderzoek naar de loonkloof m/v en de arbeidsparticipatie van vrouwen in Europa en kwam tot een treurige conclusie: we zijn er nog lang niet.

opzij oktober

Volgens het rapport van Anna Hedh is de loonkloof tussen mannen en vrouwen in Europa gemiddeld 16% en de pensioenkloof 40%. En dat terwijl vrouwen gemiddeld hoger opgeleid zijn. Voor bijna een kwart van de Europese vrouwen dreigt armoede en sociale uitsluiting. Het gaat vooral om alleenstaande moeders, vrouwen boven de 55 jaar en vrouwen met een handicap.

De arbeidsparticipatie van vrouwen ligt 12% lager dan bij mannen. Vrouwen hebben ook veel minder tijd om te werken, want het grootste deel van het huishouden en de zorgtaken komt nog steeds op hun schouders terecht. Vrouwen doen tweeënhalf keer zo veel huishoudelijk werk en zorgtaken als mannen. 20% van de niet-werkende vrouwen heeft geen betaalde baan vanwege de zorg voor de kinderen of omdat zij mantelzorger zijn, tegenover 2% van de mannen.

Zowel de EU als de afzonderlijke lidstaten en bedrijven moeten opschieten met de emancipatie, vindt Hedh. Ze concludeert dat er sinds 2015 weinig vooruitgang is geboekt. De EU heeft zich voor 2020 als doel gesteld een arbeidsparticipatie van 75% te halen en stijgende emancipatie is daarbij onmisbaar.

Ze concludeert dat de grootste struikelblokken voor economische onafhankelijkheid bij vrouwen liggen in sociale normen en discriminerende wetten. Ze pleit onder meer voor betere vaderschaps- en ouderschapsverlofregelingen en vrouwenquota. Ook wil ze dat de lonen in sectoren waar vooral vrouwen werken omhoog gaan.

Behalve dat gelijke behandeling een mensenrecht is, levert het ook geld op. Meer emancipatie zou volgens het rapport zorgen voor 10,5 miljoen extra banen, een economische groei van 15 tot 45% en een stijging van 6,1 tot 9,6% van inkomen per hoofd.

Nederland
In Nederland is het loonverschil ongeveer 16%. Deels is dit te verklaren doordat vrouwen bijvoorbeeld vaker parttime werken, minder vaak leidinggevende functies hebben en vaker in sectoren werken waar het salaris over het algemeen lager is, zoals in de zorg en het onderwijs. Maar als je het percentage corrigeert op deze factoren, blijft er toch nog een onverklaarbaar verschil van 5% over. Ongeveer 54% van de Nederlandse vrouwen is economisch zelfstandig.