‘Ben jij een Jood uit de Tweede Wereldoorlog? Want ik wil met je douchen.’

Door Tessel ten Zweege

Eind 2018 berichtte de NOS dat er in 2018 elf vrouwen waren gedrogeerd tijdens het uitgaan in Rotterdam. In 2017 stonden er twee opiniestukken in de Volkskrant over verbale intimidatie. Buiten de headlines om heeft iedereen van mijn vriendinnen wel minstens één verhaal over een nare ervaring met mannelijke club-bezoekers of barpersoneel. Het is inmiddels geen nieuws meer en de starre reacties blijven ook hetzelfde: “Je moet je niet zo aanstellen”, “Dan ga je toch niet meer uit?” of “Dan had je ook maar iets minder uitdagends moeten aantrekken.” Dat laatste besloot ik maar eens te proberen.

“Don’t touch me”
Nadat een avond te dansen binnen een cirkeltje van mannen die als aasgieren naar mijn vriendinnen en mij zaten te loeren, werd ik tijdens mijn brakke tocht naar huis nog eens twee keer in mijn kont geknepen door willekeurige mannen op straat. Ik was er de hele dag chagrijnig over, en sparde telefonisch met mijn mede-feministen van collectief PISSWIFE wat er nou aan te doen was. Aankomend weekend hadden we weer allerlei feestjes op de planning staan, maar ik had er helemaal geen zin meer in.

In een boze bui fietste ik naar de HEMA om een wit shirt te kopen waar ik vervolgens met koeienletters “DON’T TOUCH ME” op schreef. Het leek me een duidelijke boodschap en vanwege de lange mouwen zou ik in ieder geval niet meer horen dat ik iets had uitgelokt met sletterige kledij. Die vrijdagavond was ik strijdlustig op pad gegaan met mijn nieuwe shirt en een fles prosecco. Ik keek ernaar uit om de hele avond te dansen zonder de gebruikelijke aanranding en het boeide me weinig dat menig man mij eruit vond zien als een bitch.

Hardleers
Mijn optimisme was helaas van korte duur. Binnen de kortste keren knepen er onbekende handen in mijn billen. In het rokershok benaderde een jongen van 18 me en vroeg: “Ben jij een Jood in de Tweede Wereldoorlog?” Ik stond versteld. “Want ik zou graag met je willen douchen.” Een groepje van zijn vrienden stond op een afstandje om de scene te lachen. Op zaterdagavond probeer ik het nog eens: Misschien lag het gisteren aan het publiek. Helaas. Nog steeds worden ik en mijn vriendinnen ongevraagd aangeraakt, lastiggevallen en bieden mannen ons aan hun vrienden aan, bij wijze van wingmannen. Ik wijs naar mijn shirt en kijk de meneren vragend aan. “Dat houdt mij niet tegen!” lacht een volwassen man me toe, maar ik vind het niet zo grappig. Terneergeslagen vertrekken we weer naar huis, om daar maar pizza te gaan eten.

Gelukkig is er voor elk groepje handtastelijke kerels ook iemand die zich inzet om dit te verbeteren. Organisaties als No Thanks en Rutgers zetten zich in om uitgaan voor iedereen veiliger te maken. Ze maken contact met poppodia en uitgaansgelegenheden in de hoop dat deze partijen hun beleid wat betreft grensoverschrijdend gedrag wat gaan verstrengen. Uiteindelijk ligt de oplossing natuurlijk bij de daders. Wanneer je zelfs wordt betast als je een shirt draagt waarop je je mede-feestgangers letterlijk verzoekt dit niet te doen, wordt het wellicht tijd om de slachtoffers geen verwijten meer te maken.