Dit is wat ik doe. Fotograferen in tijden van liefde en oorlog - Lynsey Addario

Boekenclub

2/2016

Ze werd gegijzeld, aangerand en met de dood bedreigd. Lynsey Addario fotografeert veel in conflictgebieden, maar haar werk gaat over meer dan oorlog, zegt ze. Nu zijn haar memoires verschenen. Snoeihard materiaal, met hier en daar ook iets over haar privéleven.

Fotograaf Lynsey Addario (1973) stond zwanger tussen een opstand in Gaza. Ze werd in 2004 korte tijd ontvoerd in Irak. Later, tussen 16 en 21 maart 2011, was ze een van de vier journalisten die in Libië werden vermist. Ze werd met de dood bedreigd en aangerand. Tijdens een Taliban- inval in Afganistan was ze getuige van een soldaat die zijn wonden niet
overleefde.

Op verzoek van de Newyorkse uitgeverij Penguin Press zijn Addario’s memoires verschenen: Dit is wat ik doe. Fotograferen in tijden van liefde en oorlog. In het boek staan passages die te afgrijselijk zijn om te bevatten. Zo portretteert en interviewt ze in het oostelijk deel van Congo een paar van de vele vrouwen die zijn verkracht door regeringssoldaten en rebellen om hun territorium af te bakenen en burgers te intimideren. De vrouwen zijn verminkt met wapens, in hun kruis. Ze zijn vaak verstoten door familie en gedwongen de kinderen van hun verkrachters te baren. Medische zorg krijgen ze nauwelijks.

Aan de andere kant staan er in het boek ook passages over liefde. Wanneer Addario in 2003 terugkomt uit Irak, waar ze aan het front de invasie van de Amerikanen heeft vastgelegd, vindt ze in haar huis foto’s van de minnares van haar vriend. Ze schrijft openhartig over haar destructieve liefdes. Inmiddels is ze met een journalist getrouwd die bij Reuters werkt en heeft ze een zoon van 4, maar eerder was er geen man die kon leven met een vrouw die in conflictgebieden werkt. Ze constateert dezelfde liefdesproblematiek bij haar vrouwelijke collega’s – niet bij haar mannelijke.

In eerste instantie had Addario een boek geschreven dat alleen ging over haar carrière. Waarom koos ze er uiteindelijk toch voor buitengewoon persoonlijk te worden? Ze reageert vanuit Londen via de telefoon: ‘Mijn uitgever wilde dat. Die vond dat je geen memoires kunt schrijven zonder persoonlijk te worden. Dat begreep ik. Bovendien vond de uitgever het interessant te laten zien wat voor invloed een carrière als de mijne heeft op mijn privéleven. Uiteindelijk heb ik met een redacteur gekozen wat ik wel en niet van mijn privéleven zou prijsgeven.

’U wilt geen oorlogsfotograaf worden genoemd? Waarom niet? ‘
Dat label simplificeert wat ik en mijn collega’ doen. Ik heb oorlogen gecoverd, ik heb aan het front gefotografeerd en veel in conflictgebieden gewerkt, maar mijn werk gaat niet alleen maar over oorlog. Het gaat ook over onderwerpen als mensenrechten en de positie van de vrouw.

’ Welke onderwerpen verdienen wat u betreft meer aandacht, waar het de positie van de vrouw betreft? 
‘Ik houd me veel bezig met de gezondheid van moeders en hun bevallingen. Iedere vrouw heeft het recht om in een veilige plaats te bevallen. Maar dat is in zo veel  landen nog niet het geval. Daar is wat mij betreft te weinig aandacht voor. En in het verleden is er gedurende een periode aandacht geweest voor verkrachtingen. Maar de aandacht is verslapt. Ik heb me gefocust op Congo, maar het gebeurt ook op grote schaal in India, in Amerika. Het gebeurt nog dagelijks overal. Er valt nog veel te bevechten. Ook in de eerste wereld. Zo zie je nu dat actrices in Hollywood eisen dat ze hetzelfde salaris krijgen als acteurs. En dat in 2015.’

Hoe kijkt u aan tegen de terreurdreiging wereldwijd?
‘Ik hanteer een dubbele standaard. Als ik met mijn zoon van 4 op stap ga, vermijd ik plaatsen waar grote mensenmassa’s bijeenkomen. Daar ga ik wel heen als ik alleen ben. Ik ben niet verbaasd over de aanslagen. Integendeel: het verbaast me dat er niet al veel eerder en veel meer aanslagen zijn gepleegd. Ik heb vijftien jaar in het Midden-Oosten gewerkt, ik heb leden van de Taliban en andere vertegenwoordigers van het jihadisme geïnterviewd en zo dikwijls de intense haat gevoeld jegens de westerse wereld. Toen ik in 2003 in Irak was, heb ik het begin van de opstand meegemaakt. Toen al is de kiem gezaaid.’

Uw foto’s zijn aangrijpend en hebben vaak geweld en pijn als onderwerp. Maar ze zijn ook esthetisch. Hoe rijmt u esthetiek met geweld en onrecht?
‘Ik ben altijd op zoek naar schoonheid, overal. Ik ben niet alleen fotograaf, maar ook kunstenaar. En een poging om de schoonheid te laten zien van een land in oorlog, is een manier m te voorkomen dat mensen wegkijken bij het zien van gruwelen. Ik wil mensen betrekken bij mijn onderwerpen.’

Benieuwd geworden naar het boek 'Dit is wat ik doe. Fotograferen in tijden van liefde en oorlog? Je bestelt het boek hier in onze shop




 
Door Maartje den Breejen / 31-01-2016


Tijdelijke aanbieding
OPZIJ TOP 100
Gerelateerde producten
Aanmelden Nieuwsbrief
Elke week de nieuwste OPZIJ-artikelen in je mailbox? Meld je hier aan voor de gratis nieuwsbrief.