Home 2016 Juli PAPA WIL WEL, MAAR DE BAAS NIET

PAPA WIL WEL, MAAR DE BAAS NIET

61
0
DELEN

BEELD: GIJS KAST

We verlangen van vaders dat ze steeds actiever betrokken zijn bij de zorg voor hun kinderen. Maar hoe komt het dat zo weinig van hen structureel minder gaan werken?

‘We wilden het vanaf het begin 50/50 doen,’ zegt Vincent Groeneveld (32) als hij terugdenkt aan de voornemens die hij met z’n vriendin maakte toen ze net zwanger was. Ze wilden de zorg voor hun eerste kind eerlijk verdelen en vatten het plan op om allebei één dag per week minder te gaan werken. Vincents vriendin werkte fulltime in haar eigen kapperszaak, hij zelf werkte fulltime als logistiek manager bij een groothandel. ‘Ik draaide soms werkwerken van zestig uur en dat al negen jaar lang. Als vader in spe wilde ik dat verminderen, ook omdat we geen opa’s en oma’s in de buurt hebben wonen. Daarom vroeg ik een dag per week ouderschapsverlof aan, maar kreeg meteen een keihard nee. Daar doen wij niet aan, zei m’n baas.’

De ervaring van Vincent is exemplarisch voor een veel grotere groep: ruim één op de drie vaders zou graag in deeltijd willen werken, zo valt op te maken uit de Emancipatiemonitor. Toch blijven de meeste mannen (93 procent) evenveel werken na de geboorte van hun kind, of zelfs meer. Ook het onbetaald ouderschapsverlof, waar ze wettelijk recht op hebben, wordt nauwelijks gebruikt. In de praktijk neemt maar een kwart van de vaders dat op. Al met al besteden vaders met kinderen tot 4 jaar de meeste tijd aan betaald werken van alle mannen: bijna 43 uur per week. En dat is al tien jaar zo. Dat betekent niet dat ze geen tijd overhouden voor hun kinderen, want aan hen besteden jonge vaders bijna twintig uur per week. Ze zijn zodoende het drukst van alle mannen, nog drukker zelfs dan moeders van jonge kinderen.

BAAS-BABY-CONFLICT
Niks mis met noeste arbeiders die ook nog eens tijd vinden om voor hun kinderen te zorgen. Toch? Wel als blijkt dat steeds meer vaders de balans tussen werk en privé als problematisch ervaren: maar liefst 60 procent voelt dat baas-baby-conflict, terwijl dat in 1977 nog maar 35 procent was, becijfert wetenschapsjournalist Paul Raeburn, zelf vader van vijf kinderen, in zijn boek De Papa Paradox. Logisch dus dat ruim 40 procent van de mannen en vrouwen het liefst allebei precies evenveel tijd wil besteden aan werk, huishouden en kinderen. Net zoals Vincent en zijn vriendin van plan waren. In de praktijk lukt dat maar 7 procent van de stellen met minderjarige kinderen. Ondanks de problematische werk/privé-balans én de wil om daadwerkelijk minder te werken, zijn de rollen nog steeds behoorlijk traditioneel verdeeld.

Hoe kán dat? In de eerste plaats is dat historisch zo gegroeid. Toen in 1920 de werkweken werden teruggeschroefd van 60 naar 48 uur, waren vakbonden en werkgevers het erover eens dat mannen beter in staat waren om lange dagen te maken dan vrouwen. Van kerels werd verwacht dat ze tien uur per dag werkten, want lange werkdagen maken stond gelijk aan ‘mannelijkheid’. Deed je dat niet, dan was je geen echte man. In 1973 telde de werkweek 40 uren. Dat veranderde niets aan de seksebevestigende norm van ‘de ideale arbeider’: de man die naast zijn werk geen enkele verplichting heeft en altijd beschikbaar is voor zijn baas. Deze traditionele norm hanteren veel werkgevers nog steeds.

AL MET AL BESTEDEN VADERS MET KINDEREN TOT 4 JAAR DE MEESTE TIJD AAN BETAALD WERKEN VAN ALLE MANNEN: BIJNA 43 UUR PER WEEK

Daar kan Joey (34), die liever niet met zijn achternaam genoemd wil worden, over meepraten. Ook hij zou het liefst minder gaan werken om meer tijd met zijn dochter door te brengen. Joey zit in onregelmatige ploegendiensten in de olie- en gasindustrie en heeft een contract van 36 uur. ‘Daaraan is niks veranderd toen ik vader werd. Ik weet dat parttime werken gewoon niet kan, al zou ik dat wel heel graag willen. Aan mijn baas heb ik het niet gevraagd, maar ik weet zeker dat het onmogelijk is. Niemand van mijn collega’s doet het en niemand praat erover.’ Joey voelt zich bovendien verantwoordelijk als kostwinner. ‘Als man denk je: er moet brood op de plank komen. Ik wil voor m’n gezin zorgen en blijf daarom fulltime werken. Iemand moet toch voor een stabiel inkomen zorgen.’

Werkgevers stimuleren zelfs die kostwinnersrol. Als mannen fulltime blijven werken wanneer ze pappa worden, krijgen ze een daddy bonus. Nederlandse vaders verdienen ongeveer 5 procent meer dan kinderloze mannen, blijkt uit een onderzoek van de Universiteit van Edinburgh. Uit psychologisch onderzoek blijkt bovendien dat zodra een werknemer zich voortplant, hij door zijn baas als loyaler en betrouwbaarder wordt gezien. Ook krijgen mannen met kroost meer kansen om uit te blinken. Procreatie zorgt dus niet alleen voor nageslacht, maar ook voor een carrièreboost.

FLEXIBILITEITSPRIJS
Gelukkig zijn er ook werkgevers die beseffen dat vaders naast hun werk ook voor hun kinderen willen zorgen. Met familievriendelijke arbeidsvoorwaarden maken ze het voor personeel met nakomelingen mogelijk om flexibel hun uren in te delen, thuis te werken, ouderschapsverlof op te nemen of zorgverlof als hun kind ziek is. Toch denken de meeste mannen dat die voorwaarden alleen voor vrouwen zijn bedoeld, zelfs als ze sekseneutraal zijn geformuleerd, zo blijkt uit onderzoek van de Britse psycholoog Janet Smithson van Metropolitan University. Kiezen vaders toch voor een dag minder werken of vaderschapsverlof, dan worden ze indirect gestraft. Ze krijgen minder salarisverhoging en hun kans op promotie slinkt, omdat ze zowel door hun baas als door hun collega’s als minder goede werknemers worden gezien. Dit fenomeen staat ook wel bekend als flexibility stigma, een term die door Joan Williams, oprichter van het Center for Work-Life Law aan de Universiteit van Californië, in 2013 is bedacht. Ze bedoelt dat zowel vaders als moeders gestigmatiseerd worden als ze niet voldoen aan hun traditionele sekserol.

Dat stigma geldt ook voor Nederlandse vaders, bevestigt Claartje Vinkenburg, psycholoog bij de Vrije Universiteit Amsterdam. Een papa die vier dagen per week werkt, wordt als minder bekwaam en succesvol gezien dan eentje die fulltime werkt. Dat komt doordat onze Nederlandse anderhalfverdienersnorm voor gezinnen, waarbij de man vijf en de vrouw drie dagen werkt. Wijkt meneer daarvan af, dan wordt dat gezien als falen en heeft dat negatieve gevolgen voor z’n carrière. Ellen Galinsky van het Families and Work Institute in New York, vult aan dat juist deze groep gozers de grootste druk ervaart om werk met gezin te combineren: vaders die denken dat flexibiliteit nadelig is voor hun kansen op promotie, met een baas die het voor hen lastig maakt te reageren op een noodgeval in hun gezin, of om op korte termijn hun rooster te veranderen. In het boek De papa-paradox zegt ze: ‘Mannen zien zich geconfronteerd met een irreëel ideaal, dat onmogelijke eisen stelt aan vaders.’

‘MIJN BAAS STAAT ME TOE OM 32 UUR TE WERKEN, MITS IK OP MIJN VRIJE DAG TELEFONISCH BEREIKBAAR BEN VOOR LEVERANCIERS EN COLLEGA’S’

Gerrit (38), die wekelijks 50 uur in de bouw werkt en z’n achternaam liever achterwege laat, illustreert hoe dat in de praktijk werkt. “Mijn vriendin en ik zouden eerst allebei vier dagen gaan werken, maar ik werk in een vrij traditionele sector. In de cao zijn officieel wel mogelijkheden om verlof op te nemen of minder uren te maken, maar als je in een managementfunctie zit, wordt dat niet op prijs gesteld. Tussen neus en lippen door heb ik het wel gehad over minder werken, maar ik hoorde dan van chefs en collega’s: “Moet dat nou? Is dat wel praktisch?”’ Ook de directe collega’s van Gerrit werken vijf dagen. Allemaal mannen. En ergens vindt Gerrit dat zelf ook wel praktisch: ‘Als je een aansturende rol hebt, dan kun je snel op de actualiteit inspelen en zit je er altijd bovenop.’

MINIMAAL 40 UUR
De overheid probeert wat aan dat irreële mannenideaal te doen door een nieuwe norm te introduceren. In plaats van de kostwinnersnorm geldt nu de kind-georiënteerde mannelijkheid, in de wetenschap ook wel involved fatherhood genoemd. Dit emancipatiebeleid klinkt op papier veelbelovend; het zou voor vaders een stuk normaler moeten worden om verlof op te nemen en minder te gaan werken. In de praktijk blijft dat effect echter achterwege. Wel maakt het mannen meer betrokken: ze houden zich tegenwoordig in ieder geval een stuk actiever bezig met de zorg voor hun kinderen. Ook zijn bijna alle ouders het eens dat ze de verantwoordelijkheid voor het huishouden en de kinderen moeten delen. Toch is de tijd die ze daaraan besteden bij lange na niet gelijk: vaders steken gemiddeld 10 uur per week in het huishouden en zijn 3 uur met de kinderen bezig (13 uur), terwijl dat bij moeders respectievelijk 21 en 5 uur (in totaal 26 uur) is, volgens het laatste tijdsbestedingsonderzoek van het Sociaal Cultureel Planbureau. Het emancipatiebeleid stimuleert zodoende wel dat vaders naast kostwinner ook verzorger zijn, maar het doel is niet om de gelijkwaardigheid tussen de seksen te bevorderen.

Navraag bij tien fulltime werkende vaders leert dat ze gelijkwaardigheid zonder uitzondering hoog in het vaandel hebben staan, maar dat ze niet evenveel uren aan werk en zorg willen besteden als hun partner. Dat vindt Sander van Veen (41) bijvoorbeeld niet nodig. Hij runt samen met twee partners een architectenbureau en werkt 40 tot 50 uur per week. Zijn vrouw is ook zelfstandig ondernemer en werkt wekelijks zo’n drie dagen als muzikant. Sander heeft het gevoel dat ze de zorg voor hun zoon eerlijk verdelen: ‘Het gaat er niet om hoeveel uren we elk aan hem besteden. Het gaat er om wanneer we dat doen. Voor haar is het bijvoorbeeld veel waard dat ze na een optreden ’s avonds kan uitslapen. Daarom sta ik altijd vroeg op, ontbijt met mijn zoon en breng hem naar school. Zij haalt hem ’s middags vaker van school.’ Van Veen is niet van plan om minder uren achter zijn bureau te gaan zitten. ‘Ik vind het heel erg leuk om te werken. Voor mij is het superbelangrijk, ik haal er m’n energie uit en ik ben heel ambitieus.’

Vaders die ondanks alles wel proberen om minder te gaan werken, lopen alsnog tegen hordes op. Ook Vincent, die alles 50/50 met zijn vriendin wilde verdelen en die van zijn baas geen ouderschapsverlof op mocht nemen. Hij ervoer het eerste jaar met zijn dochter als loodzwaar. Op een dag vertelde hij op z’n werk dat een tweede kind op komst was. Zijn baas reageerde: als je maar geen ouderschapsverlof aanvraagt. Toen besloot Vincent om een andere baan te zoeken, voor 32 uur per week. Maar dat bleek moeilijker dan hij dacht: ‘Iedereen wil een werknemer voor minimaal 40 uur.’ Inmiddels mag Vincent zich technical warehouse manager noemen van een productiebedrijf. ‘Mijn baas staat me toe om 32 uur te werken, mits ik op mijn vrije dag telefonisch bereikbaar ben voor leveranciers en collega’s. Laatst was mijn dochter ziek en moest ik wel thuis blijven, omdat ze niet naar de opvang kon. Ik meldde mijn baas dat ik die dag zorgverlof opnam. Tijdens een beoordelingsgesprek vroeg hij me vervolgens of ik naar een betere oplossing kon zoeken.’ Vincent zucht en laat een stilte vallen. Dan vervolgt hij: ‘Soms is thuis blijven als vader de enige oplossing. Dus daar maak ik me maar niet druk over.’

Door Desiree Hoving