Waarom is er nog steeds te weinig aandacht voor het vrouwenlichaam?
Er is de afgelopen dertig jaar wel íets veranderd rondom gezondheidszorg voor vrouwen, maar nog veel te weinig. Nog steeds melden vrouwen dat ze zich niet serieus genomen voelen in de medische wereld en krijgen daardoor verkeerde diagnoses omdat het mannenlichaam nog altijd de norm is.
Deze conclusies trok journalist en columnist Mirjam Kaijer in haar boek ‘Ik ben geen man!’ in 2021. Het boek bracht veel teweeg en uiteindelijk richtte Mirjam de stichting ‘Voices for Women’ op om vrouwengezondheid stevig op de kaart te zetten. Toch zijn we er nog lang niet. Een aantal maanden geleden verscheen bijvoorbeeld pas een vernieuwde editie van het meest gebruikte leerboek in de geneeskunde, waarbij voor het eerst wordt behandeld dat vrouwen anders ziek worden dan mannen.
Waar ging het mis?
Dat de kennis over het vrouwenlichaam al heel lang achterloopt, is voor sommigen geen verrassing. Maar wat minder bekend is, is dat het meenemen van vrouwen in onderzoek in de vorige eeuw bewust de kop in is gedrukt. “Eind vorige eeuw werd het in de medische wereld algemeen bekend dat het vrouwenlichaam anders werkt dan het mannenlichaam en andere zorg nodig heeft”, vertelt Mirjam. “Maar doordat vrouwen werden meegenomen in onderzoek had dit soms ernstige gevolgen. Zo was er in 1960 het softenondrama waardoor baby’s met afwijkingen werden geboren en rond 1970 het DES hormoon voor zwangere vrouwen, wat heel schadelijk bleek voor zowel moeder als kind. Dit soort gevolgen hebben ervoor gezorgd dat vrouwen werden uitgesloten in onderzoek: het zou te ingewikkeld zijn en risico’s waren te groot. Doordat onderzoek naar het vrouwenlichaam lang is achtergebleven, leidde dit tot een achterstand die nooit meer is ingehaald.”
Verkeerde diagnoses
De meeste problemen vandaag de dag komen door onvoldoende kennis en daardoor verkeerde diagnoses. Dat merkte Mirjam toen ze een meldpunt oprichtte waar vrouwen hun ervaringen kunnen delen. “Vrouwen vertelden dat ze vaak psychische diagnoses krijgen, zoals angststoornis of depressie, voor klachten die uiteindelijk bleken voort te komen uit onder andere hormonale disbalans of schildklierproblematiek.” Uit onderzoek blijkt dat dit vaker voorkomt: Marek Glezerman deed onderzoek waarin duidelijk werd dat artsen de klachten van vrouwen veel vaker toeschrijven aan psychosociale redenen dan bij mannen.
Zelf heeft Mirjam ook lang gezocht naar een diagnose in het zorgsysteem. “Ik heb tien jaar lang onverklaarbare gezondheidsklachten gehad, die keer op keer door artsen werden weggezet als symptomen van de overgang, stress of fybromyalgie. Dat bleek niet te kloppen: mijn klachten kwamen voort uit een goedaardige tumor van mijn schildklier. Deze aandoening komt voornamelijk bij vrouwen voor, maar waarom wisten de artsen niet. Er was namelijk te weinig onderzoek naar gedaan. Ik liep risico dat mijn stembanden beschadigd zouden worden tijdens de operatie, maar toen dat niet gebeurde heb ik me voorgenomen mijn stem te gaan gebruiken om me in te zetten voor betere gezondheidszorg voor vrouwen.”
Een lange weg te gaan
De afgelopen jaren lijkt daar wel meer aandacht voor te komen. Dat komt mede door inzet van Voices for Women: ze geven de verhalen van vrouwen een gezicht. De stichting heeft in 2021 een petitie gestart die tot Kamervragen heeft geleid, ze geven gratis symposia en webinars, en Voices for Women heeft de Dag van Vrouwengezondheid gelanceerd. Dat soort initiatieven hebben voor meer zichtbaarheid gezorgd, maar toch wordt de problematiek nog te weinig aangepakt, vindt Mirjam. “De politiek maakt veel te weinig geld vrij voor vrouwengezondheidszorg. Ter illustratie: in Nederland mopperen wetenschappers dat er meer geld vrijgemaakt wordt voor onderzoeken naar erectieproblemen, dan voor sommige vrouwspecifieke onderzoeken. Alles in het lijf van vrouwen wordt anders ziek, maar is onvoldoende onderzocht. Dat is zorgelijk, aangezien vrouwen de helft van de samenleving vormen.”
De problematiek ligt overigens niet alleen bij de overheid. Ook in de manier waarop toekomstige dokters, artsen en geneeskundigen worden opgeleid is een gebrek aan kennis over het vrouwenlichaam terug te zien. Zo merkte Mirjam toen ze een lezing gaf aan 200 geneeskundestudenten dat de lesstof over vrouwen zeer beperkt is. De studenten hadden les gekregen over verschillen tussen het mannen- en vrouwenhart, maar daar bleef het wel een beetje bij. Schrikbarend, vond Mirjam.
Zelf in actie komen
Gelukkig is er ook licht aan de horizon: de nieuwe minister van volksgezondheid, Daniëlle Jansen, heeft het nationale vrouwenstrategieplan op de agenda gezet. Dat is hopelijk een mooie stap zodat er meer aandacht voor vrouwengezondheidszorg gaat komen in de Tweede Kamer.
Tot die tijd kunnen we ook zelf ons steentje bijdragen, zegt Mirjam. “Ik merk dat de oplossing ook zit in het meenemen van de mannen in Nederland met deze problematiek. Het gaat tenslotte om hun dochter en hun vrouwen en moeders. Als die bewustwording indaalt dan zien we dat ze graag meewerken. Want het blijft heel vreemd dat het voor vrouwen nog steeds niet goed geregeld is, anno 2025. Daarom blijven wij de verhalen delen van de vrouwen die wij binnenkrijgen op ons meldpunt, zodat de problematiek in de vrouwengezondheidszorg voor iedereen een zichtbaar én urgent thema blijft.”
Daarnaast is het als vrouw goed om altijd bewust te zijn van het feit dat men nog te weinig weet van het vrouwenlichaam en onverklaarde gezondheidsklachten niet meteen worden toegeschreven aan burnout of een depressie. En houd je klachten goed bij. Zelfregie is belangrijk.