De kunst van het compliment: een stappenplan

Door: Luuke Raaijmakers

De afgelopen jaren staat er één thema centraal in het contact tussen heteroseksuele mannen en vrouwen: ongemak. Regelmatig duiken er interviews en podcasts op waarin bekende mannen verzuchten dat flirten tegenwoordig “niet meer mag” of dat je als man bang bent om meteen als creep te worden weggezet zodra je een vrouw een compliment geeft. Cabaretiers maken er grappen over, talkshows bespreken het en op sociale media lijkt het soms alsof een simpel “je ziet er leuk uit” inmiddels net zo riskant is als belastingfraude.

Ergens snap ik die onzekerheid ook wel. Als ik voor mezelf spreek, vind ik veel mannen inderdaad een beetje eng. Dat heeft alleen niet zozeer te maken met een trend, een ‘woke’-agenda of een soort mannenhaat waar vrouwen nogal eens van worden beschuldigd. Volgens mij zit het probleem veel vaker in de manier waarop sommige mannen het aanpakken. Dat vermoeden werd onlangs alleen maar sterker, omdat ik in het wild meemaakte hoe het óók kan. Laten we zijn stappenplan eens doornemen.

Een tijdje geleden zat ik ’s avonds in een parkje een boek te lezen, toen een Vlaamse man met een hond langs me liep. We keken precies tegelijk op en hij zei lachend dat ik goed had gemikt, omdat ik precies in de allerlaatste smalle zonnestraal van het parkje zat. Hieruit kunnen we meteen de eerste les trekken. STAP 1: Maak een opmerking die terloops is en logisch voortkomt uit de situatie. Dat is een stuk minder dreigend dan ‘kom je hier vaker?’.

Vervolgens raakten we in gesprek. Ook daarin deed hij alles goed. STAP 2: de man hield een normale afstand, ging niet naast me zitten en stelde oprechte interesse vragen die geen dubbele agenda leken te hebben (dus: ‘hoe bevalt de stad je tot nu toe?’ in plaats van ‘heb je een vriend?’). Ook liet hij me zijn schattige hond aaien en een koekje geven. Dat zijn natuurlijk bonuspunten.

Maar de echte knaller kwam aan het einde. STAP 3: nadat hij me nog een tip had gegeven over welk parkje de meeste avondzon heeft, maakte hij aanstalten om weg te gaan. Maar terwijl hij zich al half omdraaide zei hij: ‘zalige ogen heb je trouwens’. Nu maakt een Vlaams accent complimenten natuurlijk standaard zo’n dertig procent beter, maar daar zat de magie niet in. Dit was wat mij betreft zo goed, omdat de man wegliep terwijl hij het zei. Hiermee signaleerde hij namelijk dat het een belangeloos compliment is. Hij hoefde er niks voor terug te hebben.

Dat laatste is denk ik exact de kern waarmee mannen de mist in kunnen gaan of glorie kunnen behalen. Een écht compliment is geen ruilmiddel. Die geef je puur omdat je iemand anders een fijn moment wilt bezorgen, zonder dat je verwacht dat je er iets mee bereikt. Mannen die een compliment geven, uit hoop (of zelfs verwachting) dat ze het nummer zullen krijgen van de vrouw in kwestie of op date zullen gaan met haar, geven dus eigenlijk geen compliment. Het is meer een soort omkoopmiddel. Ze doen een investering en hopen op rendement. Maar juist dat werkt averechts. Daarmee maak je jouw romantische interesse namelijk de verantwoordelijkheid van een ander.

Daarin wordt ook de grootste misvatting over flirten duidelijk. Wanneer er tips worden gegeven over hoe je vrouwen zou moeten versieren gaat het vaak over goede openingszinnen, zelfvertrouwen of een goede timing. Maar eigenlijk zit de kunst van flirten hierin: het vermogen om oprecht vriendelijk te zijn zonder voorbedachte rade.

Dus bij dezen, voor alle mannen die zich afvragen of complimenten tegenwoordig nog wel mogen, presenteer ik graag mijn wetenschappelijk volstrekt onverantwoorde maar praktijk-geteste stappenplan: wees vriendelijk, wees geïnteresseerd, houd een normale afstand, verwacht niets terug en loop desnoods alvast weg terwijl je het zegt. En mocht je écht twijfelen? Neem dan vooral een hond mee. Dat werkt altijd.

Klik hier om het laatste nummer van Opzij te bestellen: ‘Ik ben geen man!’