Amerikaanse militairs worden getest op testosteron: een paniekerige ‘redding’ van mannelijkheid
Door: Luuke Raaijmakers
Hormonen zijn hot. De hormoonhuishouding van vrouwen is al jaren een veelbesproken thema. Denk aan de bijwerkingen van de anticonceptiepil, de invloed van de cyclus op werkprestaties, de overgang, menopauze, hormonale disbalans en oestrogeendominantie, noem maar op. Een belangrijk onderwerp, want hormonen hebben inderdaad op heel veel lichaamsprocessen invloed. Sinds kort zijn hormonen onder mannen ook een hot topic, maar bij hen staat slechts één hormoon centraal: testosteron. Er is namelijk een soort paniekgolf bezig rondom dit hormoon in het mannenlichaam. Uit verschillende onderzoeken is gebleken dat het testosterongehalte wereldwijd is gedaald onder mannen met zo’n 54%, tussen 1972 en 2019. Een gigantische daling, dus.
De Amerikaanse minister van defensie heeft dit nieuws ook voorbij zien komen en besloot meteen te handhaven. Hij wil alle Amerikaanse militairen vanaf 30 jaar jaarlijks gaan testen op hun testosterongehalte. Heb je een te laag testosteron-gehalte naar hun zin? Dan wordt je een spuitje geslachtshormoon aangeboden. Zo zouden de militairen op hun best kunnen functioneren.
De medische wereld viel direct over dit nieuws. Kort samengevat is het een zowel dom als gevaarlijk idee (al verwoordden de experts dit wat subtieler). Zo vertelde uroloog en medisch seksuoloog Melianthe Nicolai aan NPO Radio 1: “Ik dacht: Gaan ze dat nou zomaar aan iedereen geven? Dat is echt niet de bedoeling, dat is niet goed voor je. Je geeft het alleen als iemand klachten heeft en de waarde te laag is. En dan meet je het liefst twee keer op een rij. Je moet dit niet klakkeloos doen.” Daarbij verschilt het ‘ideale’ testosteron-niveau per persoon, vertelt Nicolai. “Er is een range, de één heeft meer nodig dan de ander en het is ook maar net waar je aan gewend bent, dus je kan ook niet iedereen over één kam scheren.” Maar dat niet alleen, er zitten zelfs lange termijn risico’s aan het zomaar toedienen van testosteron. Wanneer mannen geen klachten hebben en toch extra testosteron krijgen toegediend, lopen ze het risico dat de aanmaak van dit hormoon door hun eigen lichaam stagneert of stopt. Foute boel.
Hoe een regering zo’n oliedom plan aanneemt is mij een raadsel. Maar wat ik wél snap, is waar die paniek vandaan komt. Testosteron gaat namelijk allang niet meer alleen over een hormoon. Het is uitgegroeid tot een cultureel symbool. Een soort vloeibare mannelijkheid. Dat is ook niet zo gek. Mannen hebben al eeuwenlang een vrij strak script meegekregen over wat een ‘echte man’ is. Sterk. Dominant. Competitief. Seksueel potent. Niet zeuren. Niet huilen. Altijd presteren. Waar vrouwen de afgelopen decennia – dankzij het feminisme – dat script langzaam zijn gaan openbreken, is er voor mannen nooit een vergelijkbare emancipatiegolf geweest. Natuurlijk zijn er veranderingen geweest, maar het oude ideaal is nooit echt verdwenen. Het kreeg er alleen nieuwe eisen bij. De moderne man moet én succesvol zijn, én gevoelig, én gespierd, én emotioneel beschikbaar, én financieel onafhankelijk, én geweldige vader zijn. Succes ermee.
Geen wonder dus dat een daling van testosteron niet wordt gelezen als een medisch vraagstuk, maar als bewijs dat ‘de man’ zelf achteruitgaat. Dat zijn seksuele prestaties gevaar lopen. Dat zijn mannelijkheid hem wordt afgepakt. De manosphere leeft al jaren van precies die angst. Podcasts, influencers en supplementenbedrijven verdienen miljoenen aan het idee dat mannen worden ‘verzwakt’ door de moderne samenleving en dat hun mannelijkheid terug te koop is in de vorm van een potje pillen of een injectiespuit. Een regering waarin juist die ideeën veel politieke invloed hebben gekregen, hoeft vervolgens alleen nog maar mee te bewegen.
Opvallend genoeg is dit ook precies hoe veel politieke problemen tegenwoordig worden opgelost. Of beter gezegd: níét worden opgelost. We behandelen liever symptomen dan oorzaken. Dreigt de aarde onleefbaar te worden? Dan bedenken we technieken om zonlicht terug de ruimte in te kaatsen of kunstmatige wolken te maken, in plaats van minder uit te stoten. Worden vrouwen op straat lastiggevallen? Dan geven we vrouwen een busje pepperspray, zodat zij zich maar moeten aanpassen aan mannelijk gedrag. Hebben steeds meer mensen overgewicht? Dan ontwikkelen we massaal afslankmedicatie, terwijl gezond voedsel nog steeds vaak duurder is dan ültra-bewerkt eten. En nu lichamelijke processen lijken te veranderen door stress, milieuvervuiling, obesitas, slaaptekort en een steeds ongezondere leefomgeving? Dan spuiten we er gewoon wat testosteron in.
Dat is de rode draad van deze tijd: we doen bij maatschappelijke problemen alsof er één onderdeeltje kapot is, in plaats van de hele machine. Ondertussen blijven de echte vragen liggen. Waarom daalt testosteron eigenlijk? Wetenschappers wijzen onder meer op obesitas, chronische stress, slaapgebrek, een zittende leefstijl en mogelijk ook blootstelling aan hormoonverstorende stoffen in onze omgeving, en klimaatverandering. Dat zijn geen problemen die je oplost met een naald. Daarvoor moet je de samenleving anders inrichten én moeten de mensen aan de macht verantwoordelijk worden gesteld.
De Amerikaanse regering zegt al jaren de mannelijkheid te willen redden. Maar in plaats van mannen te bevrijden van een onhaalbaar ideaal waarin hun waarde afhangt van spiermassa, libido en een bloedwaarde, bevestigt ze dat ideaal juist. Alsof mannelijkheid niet een verhaal is dat tussen je oren of in je gedrag zit, maar simpelweg in een reageerbuisje bloed.