Sociale controle op de socials: het gevaar van klagende influencers
Door: Luuke Raaijmakers
Stel: het is bloedheet, je bent acht uur lang aan het sjouwen, boren en timmeren en aan het einde van de dag ruik je niet meer bepaald naar Zwitsal. Vervelend, maar menselijk. Tot je thuiskomt, TikTok opent en ontdekt dat iemand met honderdduizenden volgers zojuist aan het internet heeft verteld dat jij haar huis laat stinken.
Dat is de discussie die ontstond nadat influencer Zaar Goedemans in een video vertelde over de bouwvakkers die bij haar thuis aan het werk waren. Het was warm, de mannen zweetten en haar huis rook ernaar. Ze vroeg zich hardop af of ze kon aanbieden hun kleding kon wassen of deodorant kon geven aan de mannen. De video verdween na de ophef en het account Goedemans ging tijdelijk op privé.
Je kunt daar van alles van vinden. Dat het verwend klinkt, bijvoorbeeld. Maar interessanter vind ik een andere vraag: sinds wanneer moet je er tijdens je werk rekening mee houden dat je slechte dag vanavond content kan zijn?
Julia van Gelder – die een interessante analyse maakte van de rel – benoemde de kern van dat ongemak. Een klacht over zwetende bouwvakkers is bij uitstek iets wat je normaal tegen een vriendin zegt. Dan klaag je even, je vriendin zegt dat je niet zo moet zeuren en twee minuten later hebben jullie het over iets anders. Goedemans legde diezelfde vraag alleen niet voor aan één vriendin, maar aan een publiek dat groot genoeg is om een middelgrote Nederlandse stad te vullen. En, belangrijker: de mannen over wie het ging konden dat gesprek zelf ook tegenkomen.
Dat verandert iets aan hoe vrij we ons in het openbaar kunnen gedragen. Onderzoekers kennen al langer het zogenoemde chilling effect: zodra mensen het gevoel hebben dat ze worden bekeken, gaan ze hun gedrag aanpassen. Een studie naar Facebook vond zelfs aanwijzingen voor een extended chilling effect: het bewustzijn van een mogelijk online publiek beïnvloedde hoe mensen zich óók offline presenteerden. Recent onderzoek uit 2026 vond bovendien causaal bewijs dat bewustwording van digitale surveillance mensen minder comfortabel maakt met onder meer het delen van meningen en informatie.
Nu is een influencer natuurlijk geen beveiligingscamera. Maar miljoenen smartphones samen beginnen er soms verdacht veel op te lijken. De bouwvakker kan een barista zijn die die ochtend ruzie had met haar vriend en daarom wat kortaf reageert. Een date die een onhandige opmerking maakt. Een huisgenoot die zijn afwas alweer laat staan. Vroeger riskeerde je daarmee hooguit een boze klant of een roddel die rondgaat in de buurt. Nu kan je slechtste kwartier worden samengevat in een storytime met achtergrondmuziek, ondertiteling en deel twee morgen.
Dat is nogal een machtsverschil. De persoon met het platform bepaalt het verhaal, de montage én het publiek; degene over wie het gaat weet soms niet eens dat er een conflict was. Julia beschreef die angst in haar video: wat als je in een koffiezaak werkt, één keer onbeleefd bent en pas thuis ontdekt dat een influencer er een video over heeft gemaakt? En dat terwijl sociale media nauwelijks nog een aparte wereld zijn. Volgens het CBS was in 2025 76 procent van de Nederlanders van twaalf jaar en ouder actief op sociale netwerken; onder 12- tot 25-jarigen was dat 93 procent. Het online dorpsplein is inmiddels gewoon het dorp.
Ironisch genoeg bewijst de reactie op Goedemans meteen de keerzijde. Wie klaagt over de publieke schandpaal, moet niet vervolgens zelf iemand op diezelfde schandpaal zetten. De haatreacties en persoonlijke aanvallen aan haar adres zijn hetzelfde mechanisme in een andere verpakking: iemand zegt iets verkeerds en duizenden mensen voelen zich gemachtigd daar een publieke straf aan te verbinden. Zoals Julia terecht concludeert: als we influencers verantwoordelijk houden voor wat ze online over anderen zeggen, moeten we die norm ook op onszelf toepassen. Het lijkt me tijd om een oude etiquette terug te brengen: als iemand iets doet wat je dwarszit, praat eerst met diegene. Niet met 800.000 van je ‘beste vrienden’.